Categorie archieven

Werk, privé en veranderen

29, apr, 2014

Zo’n 20 jaar geleden kreeg ik voor mijn werk een „portable” autotelefoon. Het was een ding van bijna 3 kilo en de verbindingen waren niet zo best. Veel ruis en kraken; de gsm moest nog komen. Maar het stond wel erg stoer.

Achteraf gezien was dat een belangrijk keerpunt in mijn leven. Ik weet niet of dat het alleen maar positief is geweest.

In die tijd had ik nog geen mail en internet was net in huis gekomen. Maar dat was alleen nog maar  de verwondering van dat het kon dan dat je er iets mee deed.

Kortom; het leven was nog redelijk analoog. Dat wil zeggen; iedere weekdag naar kantoor; ’s morgens om 830 uur op je werkplek zijn en rond 17 uur weer naar huis. Een enkele keer nam je ‘stukken’ mee naar huis omdat je dat ’s avonds nog even wilde doorlezen.

Vandaag de dag gaat het heel anders. Elk moment van de dag ben je bereikbaar en ben je ook altijd beschikbaar. Althans dat is wat verwacht wordt. Met de komst van allerlei technologische hoogstandjes is het leven heel anders geworden. Informatie is overal en altijd beschikbaar en het lijkt als of je ieder moment voor van alles geïnformeerd dient te blijven. De scheiding tussen werk en privé is aan het verdwijnen zo lijkt het; immers elk moment ben je voor je collega’s bereikbaar en het lijkt er op dat ook normaal begint te worden.

In Duitsland zijn er nu afspraken gemaakt over de bereikbaarheid van medewerkers in de avonduren. Bij BMW worden ’s avonds geen mails meer gestuurd. Die worden tot de volgende ochtend vastgehouden door het systeem. Zodat je ook niet in de verleiding komt.

Je mag wel zeggen dat er in 20 jaar geweldig veel veranderd is. Veranderingen die door technologische ontwikkelingen zijn geïnitieerd. Ik had 4 jaar geleden geen behoefte aan een ipad. Ik liep toen niet hele dagen te mokken over het feit dat er geen ipad was. Sterker nog: met de komst van de ipad had ik niet het idee dat ik zo’n ding zou aanschaffen. Maar gaandeweg zag ik wel eens zo’n ding voorbij komen en ik ontdekte dat het toch wel veel voordeel bood. En dat er ontzettend veel apps aangeboden worden met erg leuke functionaliteiten. Inmiddels heb ik er al 2 versleten.

Ik verbaas me er dan wel over hoe techniek verandering kan initiëren en stimuleert. In de trein is bijna iedereen met een tablet of telefoon bezig en ’s avonds maken tv programma’s druk gebruik van het zogenaamde tweede scherm via de tablet. Geweldige veranderingen in ons doen en laten. Terwijl de meeste mensen niet zo van veranderingen houden.

Er wordt wel eens gezegd dat mensen wel willen veranderen maar niet veranderd willen worden. Deels geloof ik dat ook wel. Maar ik denk dat het persoonlijk voordeel ook een belangrijke drijver is voor verandering. Als ik zie wat het mij oplevert dan ben ik bereid tot verandering.

Veranderingen zijn de constante in ons leven. Verzet er tegen is niet zo nuttig. Maar het is wel nuttig te kijken hoe de verandering persoonlijke voordeel of persoonlijk belang kan opleveren en dienen. Zonder egoïstisch te worden. Maar eerlijk zijn over elkaars belangen is niet verkeerd. Dat de aandeelhouders van Apple goud geld verdienen met het maken van allerlei (mooie) dingen is prima zolang ik veel plezier en gemak heb van die dingen. Ieders belang en voordeel is duidelijk.

Om zo te kijken naar de ontwikkelingen om je heen en voor jezelf duidelijk te hebben wat je wilt en hoe je het wilt zijn veranderingen geen bedreigingen maar een uitnodiging om je leven te leven op de manier die jij wilt.

 

Ontwikkelingsvragen

28, aug, 2013

Terwijl ik deze column schrijf is mijn uitzicht een deel van de Appenijnen in Italië. De wind waait zachtjes om me heen en de boom achter mij biedt de schaduw. Een mooie ambiance om niks te doen.

Volgende week begint het werken weer en ik weet niet hoe u het vergaat maar als je zo wat voor je uit kijkt en geniet van de fraaie omgeving dwalen je gedachten toch af naar dat werken volgende week. Hoeveel mails zullen er liggen? Welke sores hebben ze voor je opgespaard, enzovoorts. Je hebt eigenlijk nog geen zin om te gaan werken maar aan de andere kant is het mijn nieuwsgierigheid die het ook maakt dat ik wel weer zin begin te krijgen.

Ik gebruik de vakantie altijd als een soort sabbatsperiode. Terugkijken op wat er in het afgelopen jaar gebeurd is en vooruitkijken naar wat er komen gaat. En ondertussen probeer ik dan dat wat ik aan ervaring heb opgedaan kan vertalen naar ontwikkelpunten voor de komende periode. Werken aan de eigen ontwikkeling stopt niet na de schooltijd maar gaat je hele leven door. Ook na je 50e! We leven in een tijd waarin alle zekerheden lijken te verdwijnen, vaste banen komen steeds minder voor en vaste contracten lijken niet meer zo vast. De ontwikkelingen gaan snel en vragen om snel en alert reageren. De concurrentie is groot voor bedrijf en voor individu. Er is een gezegde: ‘Als je altijd doet wat je deed, krijg je wat je altijd kreeg’. Met andere woorden; doen zoals je altijd gedaan hebt kon wel eens niet meer voldoende zijn.

Je zult als organisatie en individu bezig moeten blijven de ontwikkeling van het product en met de vaardigheden die je daar voor nodig hebt.
Om te weten waarin je kunt verbeteren kun je zelf na gaan denken over je eigen handel en wandel. Vaak zie je dan niet wat een ander ziet. Om die reden is het verstandig om regelmatig in contact te komen met anderen. Om te leren van elkaar en te spiegelen aan wat de ander je te vertellen heeft. Dat leidt tot nieuwe inzichten. Dat is ook een belangrijke reden om elkaar in netwerk verband tegen te komen en te ontmoeten. Je kent elkaar, je vertrouwt elkaar en deelt op een gegeven moment je eigen ontwikkelvragen. Om zo te werken aan de ontwikkeling van jezelf, je bedrijf en of product.

Het Kennis Netwerk Steenwijkerland wil een dergelijk netwerk zijn voor de organisaties en ondernemers in onze mooie gemeente. We doen dat door bijeenkomsten te organiseren waarin kennisdeling en -ontwikkeling centraal staat. Opdat de ontwikkeling van onze gemeente een positieve impuls krijgt en dat de concurrentiepositie van onze mooie gemeente met al haar bedrijven goed blijft.

Kennis is macht, Karakter is meer

28, mei, 2013

Deze spreuk is te lezen als je het hoofdgebouw van het Koninklijk Instituut van de Marine (KIM) binnenloopt. Tegenwoordig is het een onderdeel geworden van de Nederlandse Defensie Academie samen met de KMA in Breda.

Op het KIM worden jonge mensen opgeleid tot marine officier en deze spreuk wordt voortdurend herhaald tijdens de opleiding. Een opleiding die niet alleen bestaat uit het opdoen van (feiten) kennis maar er wordt, naast de karaktervorming van de adelborsten, ook geleerd dat het team waar je deel vanuit maakt erg belangrijk is. Dat is ook niet zo verwonderlijk want juist bij een militaire functie moet je kunnen vertrouwen op je team. En naast dit alles wordt er ook gewerkt aan persoonlijk leiderschap van de adelborsten. “Waarom dit verhaal over de opleiding van adelborsten?” In het leger weet men van elkaar dat het individu het niet alleen redt. De noodzaak tot samenwerking is groot. Als militair kom je in levensbedreigende situaties. Vertrouwen op en samenwerken met je collega is fundamenteel. En als team kun je ook veel meer problemen oplossen dan wanneer je er alleen voor staat.

De huidige economische situatie is voor (veel?) bedrijven en organisaties levensbedreigend. De cijfers over faillissementen liegen er op dit moment niet om. Nu kun je zeggen dat die bedrijven ‘pech’ hebben of dat ze een verkeerd product hebben. Dat lijkt wat makkelijk gezegd. Zou dat dan betekenen dat wanneer je succes hebt, dit te danken is aan ‘geluk’?

Waar het op aan komt in tijden van crisis is rustig blijven, optimisme behouden, overzicht hebben en houden en, niet onbelangrijk, het einddoel voor ogen houden; weten waarom je begonnen met de onderneming en welke belofte je aan jouw klanten hebt gedaan. Dat heet leiderschap en heeft te maken met karakter.

En het heeft te maken met kennis. Zorgen dat je weet wat de laatste ontwikkelingen zijn in de markt en over het product of dienst die je levert. En kijken hoe en op welke wijze je kunt vernieuwen. Daar heb je kennis voor nodig. Naast al deze elementen mist er nog een en dat is de samenwerking met anderen. Zoals een militair weet hoe belangrijk samenwerking is geldt dat ook voor een ondernemer of manager van een organisatie. De markt en samenleving is zo complex geworden dat samenwerking noodzakelijk is. En samen sta je sterker.

Alvorens te kunnen samenwerken dien je elkaar te leren en te vertrouwen. Om dat in onze regio te bewerkstelligen werkt het kennisnetwerk Steenwijkerland (KNS) aan die ontmoeting om elkaar te leren kennen om zo te komen tot kennisdeling. En te leren ontdekken hoeveel kennis en kunde in onze regio aanwezig is. Maar dat lukt alleen maar als jij bereid hebt om je kennis en inzichten te delen met je (concu-)collega. En dat vraagt naast kennis ook karakter….

Column Steenwijker Courant – Zakelijk Steenwijkerland – Door Harry Renting

Kennis delen

29, mrt, 2013

Makkelijk gezegd, kennis delen. Hoe kun je nou kennis delen? Je kunt moeilijk alles wat je weet op papier gaan zetten en gaan uitdelen aan je collega’s.

En het geven van presentaties met de bekende ppt’jes kan ook knap vervelend gaan worden. En je kunt ook niet alle dagen presentaties gaan houden.

Je kunt ook alles gaan vastleggen in een map of nog mooier, een kennismanagementsysteem. Maar of dat nou zoden aan de dijk zet?

Kennis delen is een vaag begrip. Je kunt je er niets bij voorstellen. Net zo min als je iets kunt voorstellen bij het woord drinken. Dat kan alles zijn; de vloeistof, de handeling, enzovoorts. Als de vraag komt of je iets wilt drinken komt er altijd de vraag wat er te drinken aanwezig is. Koffie of wijn is dan veel duidelijker. Je weet dan wat er bedoeld wordt. Je maakt het concreet.

Kennis delen dien je concreet te maken. Het houdt actie in. En het betekent dat je tenminste met je tweeën dient te zijn. Waarbij de vorm niet die van een monoloog heeft maar van dialoog; samenspraak. Kennis wordt kennis als twee partijen er wat aan hebben. Dat beide partijen kunnen groeien en ontwikkelen. Kennis delen leidt tot vernieuwing en innovatie.

Hoe kun je dat dan concreet maken? Als je op het internet gaat zoeken naar kennis delen kom je veel adviezen tegen over hoe je dat kunt doen. Ik heb er een aantal voor u op rij gezet (met dank aan Tineke van Kooten):

  • Vertel elkaar wat er goed ging,
    # en probeer uit te vinden hoe dat kwam zodat je samen wat leert
  • Vertel ook wat er niet goed ging,
    # en vind uit hoe dat kwam, zodat dat ook een leereffect heeft
  • Als je twittert, volg elkaar en reageer op tweets die met het werk te maken hebben
  • Collega’s attenderen op interessante websites of weblogs
  • Loop eens een dagje met een collega om eens te kijken hoe hij of zij het aanpakt en geef daar feedback op.
  • Lees een concept stuk van je collega door en reageer daar eens op met vragen en aanvullingen
  • Samenwerken aan een nieuw product of dienst
  • Geef eens een korte presentatie over wat je geleerd hebt tijdens een project o.i.d.
  • Als je relevante artikelen voor je collega’s ziet, uit de krant knippen en daarover discussiëren

Kennis delen vraagt dat je elkaar wilt helpen. En het betekent soms ook dat je je kwetsbaar dient op te stellen. Om elkaar te leren kennen is het goed om elkaar te ontmoeten.

In onze mooie gemeente Steenwijkerland kennen we clubs en verenigingen die zich bezig houden met het organiseren van die ontmoetingen. Het Kennis Netwerk Steenwijkerland zet zich in om via kennisdeling de creativiteit te stimuleren. In de overtuiging dat samenwerken leidt tot meer plezier in het werk en tot mooiere resultaten leidt.

Bron:
Steenwijker Courant – Ondernemen – Column door Harry Renting

Samen de beste willen zijn

15, mrt, 2013

De beste willen zijn. Dat is een mooi streven zo op het oog. Boven de rest uitsteken, willen winnen, aan de haal gaan met de overwinning. Wie geniet er niet van als Sven Kramer of Irene Wüst voor de zoveelste keer een kampioenschap binnen halen.

En niet alleen in de sport is de beste zijn de belangrijkste missie van iemand. Op school word je gemeten middels cijfers; de 7 die je krijgt is (deels) gebaseerd op vergelijking met de anderen bij jou in de klas en word je gestimuleerd om de beste van de klas te worden. Immers; een 8 is beter dan een 6. De Cito toets uitslagen van een school wil men gaan gebruiken om een school kwalitatief met andere scholen te kunnen vergelijken. Hoewel op het oog het geen verkeerde manier lijkt om tot verbetering te komen; immers de beste willen zijn is een mooie drijfveer. Maar om de beste te kunnen zijn heb je ook iets nodig dat niet de beste is; een collega-schaatser, klasgenoot of collega school. Je hebt dus iemand of iets anders nodig om je mee te kunnen meten. En die andere wordt dan ongewild jouw tegenstander of concurrent. Waar je van wilt winnen. Raar is dat eigenlijk. We weten allemaal dat samenwerken tot mooiere en betere resultaten leidt. Samenwerken versterkt elkaar. Maar met je tegenstander samenwerken is wel het laatste wat je zou moeten doen, denken we.

In onze mooie gemeente Steenwijkerland wonen en werken vele talenten. Talenten die elkaar kunnen versterken en elkaar kunnen stimuleren om tot mooie dingen te komen. Al die talenten werken als zelfstandige of in bedrijven en zijn iedere dag bezig iets moois te maken. En iedereen wil graag beter worden of nog mooiere dingen maken. En we weten ook dat hulp bieden en hulp vragen leidt tot iets mooiers of beter. Samen creëren versterkt alle betrokkenen.

Er is echter een voorwaarde aan goed samenwerken. En dat is willen delen. Bereid zijn om jouw kennis en kunde te delen met de ander. Dat gaat heel goed als je de ander niet ziet als concurrent, die je nodig hebt om te kunnen winnen. Om dat te kunnen dien je elkaar te kennen. Weten van de ander waart hij of zij mee bezig is.

En dat is wat Kennis Netwerk Steenwijkerland nu juist wil bewerken. Elkaar ontmoeten, kennis en inzichten te delen om op die wijze elkaar te gaan helpen in het creëren van mooie dingen. Om zo elkaar te versterken. Het lijkt wat tegendraads, samenwerken met je (vermeende) tegenstander. Maar als jij jouw collega ondernemer niet ziet als concurrent maar als iemand die jou kan helpen om zo samen sterker te worden zal blijken dat het allemaal wat leuker wordt. Wat samen de beste zijn is veel leuker.

Column Steenwijker Courant – Zakelijk Steenwijkerland – Door Harry Renting

Hoe kan ik je helpen?

18, dec, 2012

Op de verschillende momenten van de dag tref je in de trein andere types treinreizigers. In de ochtendspits is het meestal een zwijgende massa die of krant leest, of stukken doorneemt, al dan niet via de ipad of smartphone of met de ogen dicht probeert de nachtrust in de verlenging proberen te complementeren. De gemene deler van deze groep is de zwijgzaamheid.

Als je later op de dag met de trein gaat hoor je vaak mensen die als collega’s samen naar een bijeenkomst gaan. Die zijn spraakzamer. Je hebt ze in verschillende soorten; collega’s onder elkaar, leidinggevenden onder elkaar en een mengeling van die twee. Op de een of andere manier is zo’n treincoupé een plek waar dingen worden gedeeld die normalerwijs gesproken niet gezegd worden.
Vaak zijn het klaagzangen over collega’s, medewerkers, bazen die er niets van begrepen hebben. Althans volgens deze twee. Vaak zijn de opmerkingen niet voor de poes. De oordelen zijn hard en de oplossingen klinken vaak simpel en goed doordacht.
Als ik ongevraagd en vaak ongewild deelgenoot ben van dit soort gesprekken rijst bij mij de vraag in hoeverre de opmerkingen ook zo gedeeld worden binnen de organisatie? Zouden de collega’s weten hoe deze twee over hun denkt? Zou de leidinggevende weten van de suggesties die deze twee hebben?
Het spreekwoord zegt dat de beste stuurlui aan wal staan; maar deze mensen praten over hun eigen organisatie en collega’s. Die staan niet aan de wal maar maken onderdeel van het systeem uit. Mij puzzelt dan de vraag waarom ze het in de trein doen? Of heeft dat te maken met de balk en splinter?

Collega, medewerker of leidinggevende zijn houdt verantwoordelijkheid in. Verantwoordelijkheid voor jezelf, jouw omgeving en de mensen in die omgeving. Om verantwoordelijkheid te kunnen dragen heb je leiderschap nodig, persoonlijk leiderschap; weten wat je kunt, wat je wilt en hoe je bent en waar je voor staat. Om van daaruit je omgeving ten dienste te zijn. Om zo samen sterker te worden en samen te groeien en te ontwikkelen. Dat geeft energie. Veel meer energie dan langs de kant roepen dat het allemaal beter kan en moet.

Als ik dan weer eens zo’n gesprek opvang in de trein wens ik die mensen veel zelfkennis toe. Om van daaruit hun organisatie, hun collega’s en leidinggevenden te helpen bij de ontwikkeling waarvan ze menen dat er nodig is. Dat kan simpel met de vraag: ” Hoe kan ik je helpen?”

Aandachtig werken

10, apr, 2012

Erna belde me net voor het weekend. Of ik tijd had voor een kop koffie. Normaal gesproken vind ik dat nooit een probleem maar eigenlijk kwam het nu niet uit. Maar voor dat ik kon reageren zei Erna: „Alsjeblieft, ik moet je echt spreken?” Ik hoorde aan haar stem dat het menens was. Ik hoorde ook dat het niet via de telefoon kon. Nu wonen we niet heel dicht bij elkaar dus spraken we af bij een van der Valk op zaterdag om 11 uur.

Ze zag er slecht uit. Ze viel me bijna in de armen en had tranen in de ogen. Voor de weinig andere bezoekers moet het wat een raar tafereel zijn geweest. We zochten een hoekje op en bestelden koffie.
„Wat is er aan de hand?” Erna keek naar het vuur van een nep open haard en op haar gezicht kwam een wat verbitterde trek. Haar carrière is de laatste jaren crescendo gegaan. Alles wat ze doet gaat met een indrukwekkende drive. Ze vreet zich helemaal in. Weet precies wie betrokken is. Bij dit alles gaat het er wel om dat het belang van de zaak voorop staat. „Ze hebben me op non-actief gesteld.” „Uh?”, was het enige wat ik kon uitbrengen. „Ze willen van me af. Bijna 20 jaar werk ik nu voor deze club en nou is het ineens boem! Met onmiddellijke ingang.” Ze huilde; deels van kwaadheid en deels van oprecht verdriet. Haar laatste functie was een interim functie. En ze maakte kans om vast benoemd te worden. Ik wist dat ze er snoeihard voor werkte. „Met welk argument?”, vroeg ik. „Ik kan de veranderingen voor de komende jaren niet leiden is de verwachting. De zware bezuinigingen en de bijbehorende keuzes zijn bij mij niet in goede handen. Ik snap er niks van. Ik heb zo mijn best gedaan”, antwoordde ze. „Wie zegt dat? Laatste keer dat ik jou sprak vertelde je dat de raad van bestuur tevreden was. En nu dit?” „Ja, er zijn twijfels uitgesproken door de collega directeuren. Je weet dat ‚mijn’ afdeling in alles de andere afdelingen diensten levert en dat er best veel geld naar ‚mijn’ afdeling gaat.” „Hoe heb jij de afgelopen tijden gesproken met die collega directeuren?” „Behalve in de vergaderingen, nauwelijks. Je moet weten dat veel van de MT leden van mijn afdeling bij die directeuren zitten en ik zit veel bij de Raad van bestuur. Ik hoorde wel in het MT dat de directeuren zich zorgen maakte maar ze kunnen toch weten dat de ophanden zijn bezuinigingen op een zorgvuldige wijze worden vertaald naar alle afdelingen.” „Konden die directeuren hun zorgen kwijt bij jou door jou af en toe te ontmoeten?” „Niet vaak maar dat is ook niet nuttig want er is nog niks bekend vanuit Den Haag dus weten we ook niet hoeveel het gaat worden. En ik heb het ontzettend druk. De MT leden van mijn afdeling spreken ze wel regelmatig. En kennen we elkaar al jaren, dus ze weten hoe ik ben.” We bestelden een tweede koffie.

Na 1,5 uur namen we afscheid. Het ging wel weer een beetje met Erna. Al pratende kwamen we tot de conclusie dat ze haar collega directeuren een beetje had vergeten. Niet die aandacht gegeven die ze nodig hebben. De directeuren kregen niet het gevoel dat ze invloed hadden op de toekomst. Die lag in hun ogen teveel bij de Raad van bestuur en Erna. Erna was op een niveau terecht gekomen waar het niet alleen maar meer gaat om de organisatiedoelen. Het gaat nu ook om positie, belangen en aanverwante zaken. En juist dan is het van belang wat ieders belang en positie is. Organisatie sensitiviteit met een mooi woord. En dat heb je of dat heb je niet wordt altijd gezegd. Erna heeft het wel maar was zo bezig om het goed te doen richting de Raad van bestuur dat ze mensen die ook een belangrijke maar indirecte rol spelen in de benoeming was vergeten. Ook al ken je elkaar jaren dan nog moet je aan alle spelers in het spel aandacht geven. Erna was nog te boos en verdrietig om dat te zien. Aandacht is een van de belangrijkste brandstoffen van een goede relatie.

Op eigen kracht…

06, apr, 2012

Verleden week weer eens gegeten met Leo. Leo ken ik al sinds jaar en dag. We hebben elkaar leren kennen via het netwerk van ICT managers. Leo is een kei in het leiden van zware projecten. Niet dat hij een goede projectleider is als het gaat om methodes en systemen. Leo heeft twee gouden eigenschappen, oog voor verhoudingen en het aan zich binden van de juiste mensen. Hij kent zijn zwakke kanten. En Leo heeft al vroeg geleerd dat je je niet moet richten op je zwakke kanten maar juist je sterke kanten. Deze combinatie maakt hem tot een geweldige projectleider van complexe projecten. Hij verzamelt de goede mensen om zich heen, weet ze in hun kracht te zetten zogezegd. En weet mensen betrokken te krijgen met het resultaat van het project.

Leo zat er wat uitgeblust bij. Hij heeft in oktober zijn project overgegeven aan de lijn zoals hij het noemt. Hij had de kopgroep even gelost. En fietste naar zijn eigen zeggen nu even veilig achterin het peloton.
Ik vroeg hem hoe het ging. Hij lachte een beetje flauw. Hij wist dat als ik die vraag stel dat je dan niet wegkomt met het sociaal wenselijk antwoord: „Goed hoor.”
Hij nam een hap van zijn voorgerecht; rode bieten carpaccio en dacht na over het antwoord. „Weet je, Het is net alsof mijn energie aan het weglopen is. Het gaan naar mijn werk kost me meer en meer moeite. Ik geloof dat de jaren gaan tellen.” „Wat heb je morgen voor spannende dingen op je agenda staan?”, vroeg ik. „Uh?, Spannende dingen? Nee die heb ik al tijden niet meer.” Ik keek hem quasi verwonderd aan. „Hoor je wat je zegt?”, vroeg ik. Leo keek me aan en zei: „Spannende dingen geven energie. Maar ja, op dit moment is er niet zoveel te beleven. En waar is wat te doen?” „Je bedoelt hoe je weer in de kopgroep komt? Wat dacht je er van om eens voor je zelf op een rij te zetten wat je de afgelopen jaren hebt gedaan? Je hebt bewezen onmogelijke dingen voor elkaar te krijgen. Je kunt mensen en groepen inspireren en in beweging krijgen. Wordt weer trots op jezelf!” Leo keek van me weg en zei: „ Ja ik geloof inderdaad dat ik aan het vervlakken ben. Help me eens weer mezelf te ontdekken.”

Gelukkig hadden we nog een hoofdgerecht en het dessert te gaan. We spraken over hoe je successen blijft koesteren. Over hoe de energiehuishouding van de mens werkt; de energiegevers en de energiezuigers en de verhouding tussen die twee. Leo kende eigenlijk alleen nog maar energiezuigers. Hij dacht eerst nog dat het lekker was om in het peloton opgeslokt te worden en even niet in de kopgroep te fietsen. Hij was er nu achter gekomen dat die rol niet bij hem past. Leo moest weer op zoek naar de kopgroep.

We spraken over hoe dat het beste kunt doen. We kwamen tot de slotsom dat je op zoek gaat naar mensen die je daarbij kunnen helpen. Ga in gesprek met mensen en zoek verhalen op die inspireren. En vertel verhalen die anderen inspireren. Leo zal de komende tijd veel gaan koffiedrinken en lunchen denk ik.

Toen ik terugreed dacht ik nog even na het gesprek. Vreemd eigenlijk dat je zo makkelijk weg kunt zakken en je eigen kracht kwijt kunt raken. Gelukkig dat er dan mensen zijn om je heen die jouw kracht blijven zien en die benoemen.

Ze willen het gewoon niet begrijpen…

05, apr, 2012

Met een rood hoofd kwam Rob terug. Hij smeet bijna zijn laptop op zijn bureau en brieste onverstaanbare woorden maar de strekking was wel duidelijk. Hij boomde naar de waterautomaat en nam een bekertje water. En nog een. Om vervolgens nog een te tappen en die mee te nemen naar zijn bureau. Ik was ondertussen ook naar de watertap en nam ook een beker water. Ik liep een paar meter achter hem aan en nadat hij was gaan zitten ging even tegen zijn bureau leunen en zei: “’t Ging niet goed?”. Ik wist dat Rob de afgelopen 2 dagen heel druk bezig was geweest met het maken van een presentatie over de zware financiële tijden die gaan komen in de komende jaren. Vanmorgen moest hij die geven voor de raad van toezicht. Op zijn manier. Betrokken, bevlogen en vol enthousiasme. Dat is ook een beetje zijn punt. Rob is verschrikkelijk goed in de inhoud. Hij weet dat. “Ik heb zo m’n best gedaan om het eenvoudig te maken. Ze mee te nemen in de problematiek.” Dat klopte. De afgelopen dagen hadden we samen steeds gekeken de boodschap zo eenvoudig mogelijk te maken. In begrijpelijke taal. En met veel plaatjes; immers, beeld gaat voor tekst. “Welke reactie kreeg je dan?”, vroeg ik. “Dat ze oplossingen wilden en geen problemen, maar zij zijn raad van toezicht, zij moeten weten hoe de situatie is alvorens met oplossingen te komen. Dat hadden we in het MT toch zo besproken?” Dat klopte. We hadden inderdaad gezegd dat we eerst het probleem helder moesten maken en dat de raad van toezicht mede eigenaar moest worden. Rob pakte de jas en zei: “Ik ga wandelen.” “Zal ik meelopen?”, zei ik? “Doe maar, maar ik wil het er niet over hebben.”, klonk als antwoord. Na een uurtje kwamen we terug. Gesproken over vakantieplannen, de kinderen enzovoort. De woede van Rob was weg. Wat nu restte was zijn teleurstelling. En twijfel aan zijn kunnen.

Aan het eind van de middag liep ik weer naar Rob. “Zullen we nog even een kop koffie drinken alvorens naar huis te gaan?” “Hoe is het nu?” “Och, ben wel een beetje verdrietig nog.” “Waarom is het zo persoonlijk?”, vroeg ik. Rob begon te vertellen over hoe hij zo zijn best had gedaan en dat hij af geserveerd voelde. Hij had verloren en voelde zich niet gezien. Tot gisteren avond tien uur had hij er nog aan gewerkt. En vanochtend in de trein nog wat veranderd. “Zit daar niet een oorzaak?”, vroeg ik voorzichtig. “Misschien was je wel te betrokken. Misschien zat je te veel nog in de materie en stond er nog niet boven.” Rob keek me vragend aan: “Wat is dat nou voor klets? Ik ben nota bene de financieel directeur hier, als iemand het moet weten dan ben ik dat.” “Daar twijfelt toch niemand aan. Maar mijn ervaring is dat je voor een groep niet inhoudsdeskundigen een moeilijke boodschap alleen kunt overbrengen als je het verhaal vertelt alsof je zelf tot het publiek behoort. Zeker qua woorden en uitstraling. Maak je klein. En daarmee de boodschap begrijpelijk. En je weet het: de boodschapper heeft het altijd gedaan.” Rob keek me aan en zei: “ Ik snap nog niet wat je bedoeld maar het voelt niet verkeerd wat je zegt. Ik ga naar huis!”

De volgende ochtend kwam Rob opgewekt binnen. Hij liep naar mijn werkplek en zei: “ Heb er nog eens over nagedacht, inderdaad ik maakte het veel te persoonlijk, het verhaal en de reacties. Volgende keer maak ik de presentatie en laat het dan een paar dagen liggen. Om het dan te vertellen als ware het een verhaal van een ander.” “Goeie tip”, zei ik: “ Ik hou je eraan!”

Verandering als constante?

04, apr, 2012

Er wordt op dit moment wat af veranderd. Iedereen heeft het over zeilen bij zetten; antwoorden vinden op uitdagingen; alert reageren op ontwikkelingen. Er worden ontslagen aangekondigd en er wordt gereorganiseerd. En wat je dan vaak hoort is dat de verandering de enige constante is. Is dat zo?

Het lijkt inderdaad dat er constant veranderd dient te worden.
De mens houdt eigenlijk helemaal niet zo van veranderingen. De mens vindt het plezierig om dingen volgens een vast patroon te doen. Zo op het oog een reden om tegen te zijn op veranderingen. Veranderingen geven onrust. Maakt mensen onzeker. En daarmee lijdt de organisatie altijd schade; mensen gaan weg, vertonen duik gedrag enzovoort.

Zijn veranderingen erg dan? „Nee”, is daarop mijn korte antwoord. Veranderingen zijn vanzelfsprekend. Er zijn ook vele redenen om te veranderen. Iedere dag komen er nieuwe dingen en verdwijnen er dingen. Er komen nieuwe mogelijkheden, er komen nieuwe concurrenten, er komen nieuwe producten. Er zijn ineens nieuwe collega’s of klanten. Noem maar op.

Dus veranderingen zijn constant? Ja, maar dat is niet de constante. Deze veranderingen hebben betrekking op werkwijze, manier van doen en aanverwante artikelen. De constante zit een paar lagen dieper. Dat zijn de drijfveren van de mens en van organisaties. Van organisaties? Jazeker! Vaak wordt gezegd dat dé bestaansreden van een bedrijf geld is. Welnu dat is een groot sprookje. Water is voor vissen ook fundamenteel maar het bestaansrecht van vissen is niet het water.

Als organisaties te maken krijgen met veranderingen dan is het goed om te weten wat de kernwaarden zijn. Weet waarom men ooit begonnen is. Dat zijn ankers voor de organisatie en de mensen. Als medewerkers en management met elkaar in gesprek zijn over waar men voor staat dan hoeft veranderen niet of minder bedreigend te zijn. Vertrouwen, openheid en transparantie zijn dan vanzelfsprekend. En kun je de schade voor de organisatie en de mensen die er in werken beperken. Harde keuzes zijn niet uit te sluiten. Maar wanneer deze gemaakt worden in de geest van de waarden en de bestaansreden van de organisatie wordt de verandering beter te accepteren.

Van belang is dus om te weten wat je ‚raison d’ être’ is als organisatie. Waarom is de organisatie ooit gestart? Welke betekenis heeft het ooit willen hebben in de omgeving? En welke waarden zijn gestoeld op die zelfde betekenis? Worden ze nog gekoesterd en onderhouden?